Aard en omvang van huiselijk geweld, met name huiselijk geweld onder allochtonen

Aanvraag voor: Gezondheidsmonitor Volwassenen 2012
Type: Toegang tot databestand
Status: Goedgekeurd
Bestanden:
Gegevens aanvrager
Organisatie: WODC
Adres organisatie:

Turfmarkt 147

2511 DP Den Haag

Aanvraaggegevens
Titel onderzoek: Aard en omvang van huiselijk geweld, met name huiselijk geweld onder allochtonen
Is uw organisatie opdrachtgever voor het onderzoek?
Het gaat om een onderzoek in opdracht van het ministerie van V&J, waarbij ook het ministerie van VWS is betrokken. Huiselijk geweld beleid valt onder de gedeelde verantwoordelijkheid van de ministeries van V&J en VWS.
Voert u dit onderzoek uit in samenwerking met andere organisaties, zoals universiteiten en onderzoekinstituten?
Universiteit Utrecht, Departement M&S of IOPS, prof.dr. P.G.M. van der Heijden
Ministerie van Veiligheid en Justitie, WODC, dr. H.C.J. van der Veen
Omschrijving van onderzoek:
Achtergrond
In 2010 hebben we het meest recent uitgevoerde landelijk onderzoek huiselijk geweld afgerond. Helaas konden in dat onderzoek niet alle onderzoeksvragen worden beantwoord, want de verzamelde data lieten geen uitsplitsingen naar etnisch slachtofferschap van huiselijk geweld toe. Voor de grootste etnische bevolkingsgroepen in Nederland bleken de verzamelde data onvoldoende representatief te zijn.
Daarop hebben we onderzocht of via de Integrale Veiligheidsmonitor (IVM) waarvoor ook gegevens mbt huiselijk geweld zijn verzameld deze uitsplitsingen mogelijk waren. Helaas bleek ook de dataset van IVM onvoldoende representatief te zijn voor uitsplitsingen naar etniciteit.
Omdat de dataset van de Landelijke Monitor Volksgezondheid veel omvangrijker is dan de data die voor het landelijke onderzoek huiselijk geweld en IVM zijn verzameld hopen we in uw dataset voldoende aantallen etnisch huiselijk geweld aan te treffen om naast de incidentie/prevalentie van huiselijk geweld in de autochtone groepen ook uitspraken te kunnen doen over de incidentie/prevalentie van huiselijk geweld in de allochtone bevolkingsgroepen in Nederland.
Doelstelling
Het uitvoeren van landelijk onderzoek voor het vaststellen van de aard en omvang van huiselijk geweld in Nederland aan de hand van een secundaire analyse van de meest recent beschikbare gegevens uit de Monitor Gezondheid. Hierbij gaat het primair om slachtofferschap van huiselijk geweld onder de Turkse, Marokkaanse, Antilliaanse en Surinaamse bevolkingsgroepen. Daarnaast levert het onderzoek resultaten op voor de andere bevolkingsgroepen in Nederland, waardoor de incidentie en prevalentie van het huiselijk geweld bij de diverse bevolkingsgroepen in Nederland met elkaar kan worden vergeleken.
Vraagstellingen (in relatie tot de Monitor Gezondheid)

1. Wat is de jaarlijkse geschatte omvang van het huiselijk geweld in Nederland in aantallen slachtoffers en daders voor het jaar 2012 bij:
• de Turkse, Marokkaanse, Surinaamse, Antilliaanse bevolkingsgroepen,
• de westerse allochtonen en de autochtonen.

a. Schat per bevolkingsgroep en per type huiselijk geweld het aantal slachtoffers.
Splits de resultaten uit naar volgende kenmerken (indien beschikbaar):
• sekse,
• leeftijd(scategorie),
• huishoudssamenstelling,
• sociale klasse,
• relatie met pleger,
• regio.

2. Wie waren de daders van het huiselijk geweld?
Splits, indien mogelijk, het daderschap per geweldsvorm en bevolkingsgroep uit voor de kenmerken die bij vraag 1 zijn opgenomen.
3. Is er verschil in de incidentie/prevalentie van huiselijk geweld tussen allochtonen en de autochtone bevolkingsgroepen in Nederland?
Splits de resultaten uit naar type huiselijk geweld en de andere kenmerken die zijn genoemd in vraag 1.
4. Indien beschikbaar in de data, wat was het aangiftegedrag van het huiselijk geweld dat zich het laatste jaar voordeed?
• Melding of aangifte bij de politie
• Reden voor het wel of niet melden
• Verschilt het meldings-en aangiftegedrag van allochtonen en de redenen daarvoor van dat van autochtonen?

Methode
Uitgangspunt hierbij is triangulatie. Dit is van belang omdat het gaat om onderzoek naar een grotendeels verborgen verschijnsel waarvan de prevalentie net eenvoudig kan worden vastgesteld door te tellen. Het is de bedoeling de resultaten van de analyses, vooral prevalentiepercentages en de significante verschillen daarin tussen de (uitsplitsingen van de) bevolkingsgroepen (t-tests met bonferroni correctie), te gaan valideren met de resultaten van de vangst-hervangstschatting voor het aantal slachtoffers van huiselijk geweld in 2012. Deze schatting is inmiddels afgerond door de Universiteit Utrecht (prof.dr. P. van der Heijden).

Kwaliteitsbewaking
Het onderzoek wordt uitgevoerd onder de begeleiding van een wetenschappelijke commissie onder voorzitterschap van prof.dr. Bogaerts van de Universiteit Tilburg.
Welke onderwerp(en) heeft u voor uw onderzoek nodig?
Huiselijk geweld
Welke achtergrondkenmerken heeft u voor uw onderzoek nodig?
Etniciteit/herkomst, Geografische indicator; GGD niveau, Geografische indicator; gemeentecode, Geslacht, Huishoudsamenstelling, Inkomen, Leeftijd, Opleiding, Werksituatie
Wenst u de gegevens te koppelen aan andere (registratie) bestanden?
Op welk geografisch niveau worden de gegevens gepubliceerd?

Bij voorkeur regionaal, dat wil zeggen de stedelijke gebieden (bijv de G4 gemeenten) tegenover de andere regio’s. Als dit problematisch ligt dan kunnen we hiervan afzien. Het is een wens. Voor het onderzoek is het niet persé noodzakelijk.

Overigens is het niet de bedoeling om te gaan rapporteren over de afzonderlijke gemeenten. Het laagste niveau dat ik nastreef is een categorisering van de G4 gemeenten tegenover de middelgrote en kleine gemeenten.”)

Waar worden de gegevens gepubliceerd of gerapporteerd?
Via de site van het WODC en in wetenschappelijke tijdschriften. Het is ook de bedoeling dat de rapportage wordt opgenomen in een Engelstalig boek dat de state of the art methodologie geeft op het terrein van prevalentieonderzoek naar huiselijk geweld.
Wat is de verwachte datum van publicatie of rapportage van gegevens (maand-jaar)?
Lastig te bepalen. De doorlooptijd van de analyses en rapportage bedraagt circa 9 maanden.
Overige opmerkingen:
Literatuurverwijzingen:
- Dijk, T. van, Veen, M. van & Cox, E. (2010). Slachtofferschap van huiselijk geweld: Aard, omvang, omstandigheden en hulpzoekgedrag. Hilversum: Intomart.
- Heijden, P.G.M. van der, Cruyff, M.J.L.F. & Gils, G.H.C. van (2009). Omvang van huiselijk geweld in Nederland. Utrecht: Universiteit Utrecht, Faculteit Sociale Wetenschappen, Departement Methoden en Technieken.
- Knaap, L.M. van der, el Idrissi, F. & Bogaerts, S. (2010). Daders van huiselijk geweld. Den Haag, WODC, Onderzoek en beleid 287.
- Veen, H.C.J. van der & Bogaerts, S. (2010). Huiselijk geweld in Nederland: Overkoepelend syntheserapport van het vangst-hervangst-, slachtoffer- en daderonderzoek 2007-2010. , Den Haag, WODC, Onderzoek en beleid 288.

Meer informatie over het onderzoek vindt u in de bijgaande WODC startnotitie. In deze startnotitie is de IVM opgenomen als primaire databron. Inmiddels is gebleken dat IVM onvoldoende representatief is voor de vier etnische bevolkingsgroepen die in ons onderzoek bijzondere aandacht krijgen. Dat is de reden waarom we nu aankloppen bij de Monitor Gezondheid. De analyses die in de startnotitie zijn beschreven willen we nu uitvoeren met de Monitor Gezondheid als primaire databron.