Nieuwsbericht

SCP-rapport ‘Syrische statushouders op weg in Nederland: de ontwikkeling van hun positie en leefsituatie’ gepubliceerd

25 juni 2020 | 4 minuten lezen

Het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) publiceerde begin juni in samenwerking met het WODC, RIVM en CBS het rapport Syrische statushouders op weg in Nederland: de ontwikkeling van hun positie en leefsituatie. De basis voor dit rapport bestaat uit twee surveys die in 2017 en 2019 zijn gehouden onder dezelfde groep (‘cohort’) Syrische statushouders. Syriërs van 15 jaar en ouder die tussen 1 januari 2014 en 1 juli 2016 een verblijfsstatus hebben gekregen, staan hierin centraal. Er is onderzoek gedaan naar gezinshereniging en verhuisgedrag, intenties om in Nederland te blijven, psychische gezondheid, zorggebruik, diversiteit in participatie en sociaal-culturele posities. Het doel van dit rapport is om na te gaan welke factoren van invloed zijn op verschillen in integratie en leefsituatie van Syrische statushouders. Dit rapport is een vervolg op het rapport Opnieuw beginnen. Achtergronden van positieverschillen tussen Syrische statushouders van juni 2019.

Samenvatting

Tevreden over leven in Nederland

Syrische statushouders tonen zich over het algemeen tevreden met hun leven in Nederland. Zij geven hun leven een 8,2 op een schaal van 1-10.

Psychische ongezondheid licht gedaald

In twee jaar tijd is de psychische ongezondheid onder Syrische statushouders licht gedaald van 42% in 2017 naar 38% in 2019. Het percentage Syriërs dat meestal niet goed slaapt is niet veranderd tussen 2017 en 2019 (36% versus 35%). De Syrische statushouders van 45 jaar en ouder slapen het vaakst niet goed, zowel in 2017 als in 2019.

Kwart Syriërs voelt zich eenzaam

In 2019 voelt 27% van de Syrische statushouders zich (heel) vaak eenzaam. Voor mannen en vrouwen is dit percentage ongeveer gelijk. Ook naar jaar van aankomst zien we geen noemenswaardige verschillen in het aandeel Syriërs dat zich (heel) vaak eenzaam voelt.

Mondgezondheid

Bijna een vijfde van de Syriërs beoordeelt gezondheid van mond, tanden en kiezen als (zeer) slecht. Met toenemende leeftijd loopt dat percentage op van 8% bij de 15-24-jarigen tot 32% bij de Syriërs van 45 jaar en ouder. Dit is vele malen hoger dan bij de algemene bevolking in Nederland.

Roken toegenomen onder Syrische tieners

Alleen in de leeftijdsgroep 15-24 jaar steeg het percentage rokers tussen 2017 en 2019: van 41% naar 53%. Die toename wordt volledig verklaard door een sterke stijging van het percentage rokers onder Syrische tieners. Onder Syriërs die 15-19 jaar oud waren in 2017 steeg het percentage rokers van 31% naar 48% in 2019. Dat percentage is aanzienlijk hoger dan onder jongeren in de algemene bevolking van Nederland, waar 16% van de 16-20-jarigen wel eens rookt (CBS 2020).

Toename van overgewicht

In 2017 had 49% van de Syriërs (matig of ernstig) overgewicht en twee jaar later is dat percentage toegenomen tot 54%. Overgewicht komt evenveel voor bij de Syrische vrouwen als bij de Syrische mannen. Net als in de algemene bevolking van Nederland neemt overgewicht sterk toe met de leeftijd, maar in alle leeftijdsgroepen zijn de percentages Syriërs met overgewicht hoger dan in de algemene bevolking. Het percentage Syriërs met overgewicht varieerde in 2019 van 27% bij de 15-24-jarigen tot 77% in de leeftijdsgroep 45-plus. In de algemene bevolking van Nederland is het percentage mensen met overgewicht 16% in de leeftijdsgroep 16-20 jaar en 59% in de leeftijdsgroep 50-55 jaar (CBS 2020).

Iets meer gebruik van huisartszorg in 2019 dan in 2017. Nederlandse taal vormt vaak een probleem.

In 2019 heeft 71% van de Syriërs in de afgelopen twaalf maanden contact gehad met de huisarts. In 2017 was dat percentage lager (67%). Het aandeel Syriërs dat gebruikmaakte van specialistische zorg, tandartszorg en psychische zorg is in 2019 vrijwel gelijk aan dat in 2017. De kleine toename van het percentage Syriërs met één of meer huisartscontacten past bij de (eveneens kleine) achteruitgang in de gezondheid tussen 2017 en 2019. Een vergelijking tussen de Syriërs en de algemene bevolking van Nederland laat zien dat de percentages met huisarts- en specialistencontacten in beide groepen ongeveer gelijk zijn.

Het percentage dat in de afgelopen twaalf maanden een tandarts had bezocht is bij de Syriërs, en vooral bij jonge Syriërs, zowel in 2017 als in 2019 lager dan in de algemene bevolking. Ook voor contact met een psycholoog of psychiater is het percentage onder de Syriërs in beide jaren iets lager dan in de algemene bevolking, terwijl het percentage psychisch ongezonde Syriërs relatief hoog is.

Het percentage Syriërs dat problemen met de Nederlandse taal ervaart in het contact met de huisarts is in 2019 nog steeds aanzienlijk (31%), maar lager dan in 2017 (37%). Dat laten ook de percentages per aankomstjaar zien. Taalproblemen komen weliswaar minder voor naarmate Syriërs langer in Nederland zijn, maar ook vijf jaar of langer na aankomst ervaart nog 28% taalproblemen bij de huisarts.

Zowel in 2017 als in 2019 heeft ongeveer de helft van de 45-plussers bij de huisarts problemen met de Nederlandse taal. Voor de 15-24-jarigen liggen die percentages veel lager: 18% in 2017 en 13% in 2019. Ook tussen de opleidingsgroepen zijn er grote verschillen. Het aandeel dat taalproblemen ervaart bij de huisarts varieert in 2019 van 21% bij de hoogst opgeleide tot 50% bij de laagst opgeleide statushouders.

Werk en scholing

Het aandeel statushouders met betaald werk steeg weliswaar, maar het gaat overwegend over kleine, precaire banen: vaak flexibel (92%) en aan de onderkant van de arbeidsmarkt (83% elementaire of lage beroepen). Ook blijft een groot deel van de Syrische statushouders afhankelijk van een bijstandsuitkering: van de Syriërs die in 2014 aankwamen is nog steeds 70% afhankelijk van een bijstandsuitkering (cijfers van 2018). Veel mensen geven aan dat er in hun huishouden te weinig geld is om rond te komen.  Hoewel de onderwijsparticipatie is verbeterd, verlaat toch een aanzienlijk deel van de jongeren het onderwijs zonder startkwalificatie zodra zij 18 zijn en stromen kinderen van statushouders veel vaker dan kinderen gemiddeld in Nederland door naar het praktijkonderwijs.

Positie Syriërs met lagere opleiding ongunstig

Vooral Syriërs die maximaal basisonderwijs hebben gevolgd, onderscheiden zich ongunstig. Zij beheersen het Nederlands het minst goed. Lager opgeleide Syriërs slagen minder vaak voor examenonderdelen van de inburgering en rapporteren vaak taalproblemen, bijvoorbeeld bij de huisarts. Net als in de algemene bevolking van Nederland zien we bij de Syriërs die maximaal basisonderwijs hebben gevolgd hogere percentages met een slechte ervaren gezondheid, met langdurige aandoeningen, met beperkingen in het dagelijks functioneren en met een slechte mondgezondheid dan bij de hogere opleidingsgroepen.

HomeThema'sProfessionals